Ga naar de inhoud
Ga naar het zoeken
Ga naar het menu

Nieuws

Bob Graal en Henk Werner spreken namens de gemeente tijdens dodenherdenking

vrijdag 04 mei 2018
Het monument in Halfweg

De Nederlandse vlag

Op de avond van 4 mei gaan onze gedachten terug in de tijd, zoals ieder jaar op dit tijdstip.

Toespraak door locoburgemeester Bob Graal in Halfweg

 

Zoals ieder jaar op deze plek. Zoals ieder jaar met deze mensen om ons heen. Nooit alleen, altijd samen. Altijd samen, ondanks verschillen in geloofsovertuiging, seksuele oriëntatie of etnische achtergrond ons zij aan zij te realiseren dat hoe wij nu samen zijn normaal is.  

Zo anders is het helaas nu nog op diverse plaatsten in de wereld, plaatsen waar geen respect voor elkaar is en samen nog ver weg is. 

Op deze dag herdenken we alle Nederlandse oorlogsslachtoffers die tijdens de Tweede Wereldoorlog of daarna in oorlogssituaties en bij vredesoperaties zijn omgekomen.  

De Tweede Wereldoorlog ligt inmiddels bijna 75 jaar achter ons. De groep mensen die die oorlog heeft meegemaakt, wordt weliswaar steeds kleiner, de emoties die bij hen leven niet.  

De jongere generaties kennen de verhalen alleen uit overleving: uit boeken, uit films of uit verhalen in de familiekring. Zij zien de angst, het verdriet en de onmacht die uit die periode dateren van een afstand en proberen zich een voorstelling te maken hoe diep de ellende en ontreddering geweest moest zijn.  

Dit verzetsmonument van Jan-Willem Havermans herinnert ons daaraan. Een roepende mannenfiguur met opgeheven arm, een beeld met kracht.. 

In 1945 - op 13 februari - was er een spoorwegoverval vanuit het verzet.  Als gevolg daarvan heeft nazi-Duitsland op 17 februari 1945 tien verzetsmensen op de Spaarndammerdijk geëxecuteerd. Zij waren afkomstig uit de gevangenis aan de Weteringschans te Amsterdam.  

Ik hecht eraan om de namen van de slachtoffers te noemen: Pierre Hendrik de Booij, Hillebrandt Dirkzwager, Jan Dol, Gabriël Philipsen, Dirk Albertus van Rees, Anton Vermaat, Andries Pieter de Visser, Abraham Bonifacius van Waarden, Louis Joseph Marie van der Weyden en Willem Pieter Speelman. 

Evenals voorgaande jaren staan we dit jaar extra stil bij één van de gevallenen; Jan Dol.

Jan Dol was geboren en getogen in Den Helder en trouwde in 1941 in zijn geboortestad.  Van 1933 tot juli 1940 was hij in dienst bij de Koninklijke Marine. Uiteindelijk werd hij leerling-vlieger in de rang van matroos 1e klasse. 

Hierna werd hij op wachtgeld gesteld waarna hij in november 1940 een aanstelling kreeg bij de Rijkswerf in Den Helder. Hier werkte hij tot oktober 1944, eerst als brandwacht en later als bankwerker. 

In september 1944 sloot Jan Dol zich aan bij de Stoottroep Den Helder-Anna Paulowna. Hier leerde hij met een stengun om te gaan en gaf hij aan een kleine groep medeleden les in het morse-seinen.  

Als gevolg van verraad door een met de NSB sympathiserende dorpsgenoot werd hij op 5 februari 1945 samen met drie kwartiergevers,15 buitenstaanders en 12 andere leden van de stoottroep gearresteerd. 

Zij werden overgebracht naar het Huis van Bewaring aan de Weteringschans in Amsterdam. Op 17 februari 1945 werd hij in Halfweg met negen anderen, onder wie zeven leden van zijn stoottroep gefusilleerd als represaille voor een door het verzet met een lading springstof gepleegde aanslag op de spoorlijn Amsterdam-Haarlem. 

Tezamen met zijn lotgenoten werd hij begraven in een massagraf in de duinen bij Overveen. Tien dagen later werd zijn enig kind één jaar. De verrader werd op 31 maart 1945 door het verzet vermoord. 

Verzet in oorlogstijd is geen simpele keuze maar diegenen die de keuze maakten, wisten dat ze hem móesten nemen voor een rechtvaardige samenleving.  

Vandaag vormen wij de samenleving: een samenleving in een vrij land, waarin we kunnen laten zien wie we zijn.  

Dank voor uw aanwezigheid, Dank aan muziekvereniging Eensgezindheid /Jacques van der Sterren – ook namens de dorpsraad en comité 4 en 5 mei. 

Toespraak door fractievoorzitter Henk Werner namens het gemeentebestuur van Haarlemmerliede en Spaarnwoude (Spaarndam)

 

Op de avond van 4 mei 2018 gaan onze gedachten terug in de tijd, zoals ieder jaar op dit tijdstip. Zoals ieder jaar met mensen om ons heen. Nooit alleen, altijd samen. Altijd samen om ondanks verschillen in geloofsovertuiging, politieke overtuiging, seksuele oriëntatie of etnische achtergrond ons zij aan zij te realiseren dat hoe wij nu samen zijn normaal is. Normaal omdat dat onze keus is in een vrije en op democratische waarden gebaseerde samenleving. 

Zo anders was dat eind jaren dertig en eerste helft jaren veertig. En ook zo anders is het helaas nu nog op diverse plaatsen in de wereld: plaatsen waar geen respect voor elkaar en dus voor diversiteit is. Ondanks het feit dat wij verhalen gehoord hebben van onze ouders en grootouders en soms zèlf de verschrikkingen hebben meegemaakt, vervalt de mensheid blijkbaar toch regelmatig in herhaling. 

En vanavond zijn we hier bijeen, om de mensen te herdenken die destijds zijn omgekomen, om stil te staan bij onze landgenoten die sindsdien deelnemen aan vredesmissies  overal ter wereld: om naar elkaar uit te spreken dat wij afstand nemen van onderdrukking en uitsluiting en alles zullen doen om een herhaling van toen te voorkomen.  

De Tweede Wereldoorlog ligt inmiddels bijna 75 jaar achter ons. De groep mensen die die oorlog heeft meegemaakt, wordt weliswaar steeds kleiner, de emoties die bij hen leven worden intenser. De jongere generaties kennen de verhalen alleen uit overlevering: uit boeken, uit films of uit verhalen in de familiekring.  

Zij zien de angst, het verdriet en de onmacht die uit die periode dateren van een afstand en proberen zich een voorstelling te maken hoe diep de ellende en ontreddering  geweest moeten zijn.  

Als acteurs een rol spelen of schrijvers hun fantasie de vrije loop laten wordt een romantisch beeld geschetst van spanning en avontuur. 

Films en boeken maken van de Tweede Wereldoorlog een spannend verhaal. Maar de Tweede Wereldoorlog was helemaal geen spannend of romantisch avontuur, het was een bittere en inktzwarte realiteit, die diepe gaten en wonden heeft nagelaten.   

Verzet leek een logische daad. Maar logisch is het nooit. Het is een bewuste keus. Met gevaar voor jezelf en voor je familie.  

Hier in Spaarndam kennen velen het verhaal van Heimen Germans. Heimen, geboren in 1909, een enthousiast voetballer bij VV Spaarndam. Hij werd tijdens de mobilisatie opgeroepen om dienst te nemen en hij ging. In Engeland werd hij toegevoegd aan de Prinses Irene Brigade. Hij kreeg een parachutistenopleiding en maakte deel uit van de landingstroepen in Normandië in  juni 1944 tijdens D-Day. Via België kwam hij in Nederland waar hij in 1945 meevocht met Operatie Orange in de Betuwe. Dit werd zijn laatste slag.  

In de vroege ochtend van 25 april 1945 werd het vierde peloton waarvan hij deel uitmaakte, aangevallen. Germans is één van de twaalf militairen van de Prinses Irene Brigade die bij de Slag bij Hedel omkwam. Hij werd van achteren getroffen door een kogel en overleed ter plekke.  

Als oorlogsheld is hij herbegraven op het Oude Kerkhof achter de kerk in Spaarndam. Het houten kruis van zijn graf is in bezit van de Historische Werkgroep Spaarndam. 

Wat zouden wij doen, als het hier nu oorlog was? Zouden wij, zonder dat we daar iets tastbaars voor terugkregen, onderduikers in huis nemen? Zouden we ons schaarse eten delen met onbekenden? Zouden we de acties van de bezetter saboteren, ook als we daarmee het leven van onze geliefden in gevaar brachten? Zoals in die donkere oorlogsjaren ook in Spaarndam gebeurde? Zoals tijdens de Razzia op zondag 21 februari 1945 toen door de inzet van dorpsbewoners jongens uit handen van de Duitsers konden blijven. Want de kapelaan had alle jongens die gevaar liepen om opgepakt te worden, naar de zolder van de kerk gestuurd. 

Zouden wij in koelen bloede een verrader kunnen liquideren? Zouden wij de verantwoordelijkheid voor leven en dood van anderen op ons kunnen nemen? Zouden we de strijd voor onze idealen en voor de medemens boven de strijd voor persoonlijk lijfsbehoud kunnen stellen? 

Verzet in oorlogstijd is geen simpele keuze. Maar diegenen die de keuze maakten, deden dat omdat ze die verantwoordelijkheid durfden te nemen, nee, ze voelden dat ze hem móesten nemen voor een rechtvaardige samenleving. 

Vandaag vormen wij de samenleving: een samenleving in een vrij land, waarin we kunnen laten zien wie we zijn. Het is nu onze verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat onze vrije samenleving behouden blijft: voor onszelf en voor diegenen die onze steun en hulp nodig hebben.